Foto Ben Lo samen met Hans en NellieNellie Klabbers, Grootmeester Ben Lo, en Hans Poot

De geschiedenis van Tai-Chi-Chuan, is een eeuwenoude Chinese beweegkunst die is opgebouwd uit houdingen die in elkaar overgaan tot een langzame vorm, het beoefenen hiervan leidt tot ontspanning van lichaam en geest, en is ook niet aan leeftijd gebonden. Zo is er ook de legende dat de monnik Chang San Feng de schepper Tai-Chi-Chuan zou zijn.

Zijn geboortedag wordt jaarlijks op de laatste zaterdag in april nog steeds herdacht als ‘Wereld Tai-Chi dag’.

De drie belangrijkste stijlen van Tai-Chi-Chuan zijn die van de Ch’en-stijl, de Yang-stijl en de Wu-stijl. De Yang-stijl is het meest verbreid. Yang Cheng-Fu (1883-1936)

Wat doet Tai-Chi Tai-Chi-Chuan versterkt de gehele rug musculatuur, waardoor we een rechtop waarste rug houding aannemen, hierdoor krijgen we tussen de wervelschijven meer ruimte en dat is weer noodzakelijk om het zenuwstelsel goed te laten functioneren.

De oefeningen van Tai-Chi zijn zo samengesteld dat ze de levenskracht (Chi) aansporen door het lichaam te stromen en blokkades in de meridianen tegen te gaan.

Voor je met een Tai-Chi oefening begint zijn de volgende punten van belang. Het stil staan en leren ontspannen is van groot belang omdat de bewegingen ontstaan vanuit stilstand en er weer naar terugkeren. Yin en Yang. De ideeën van Yin-Yang zijn complementaire krachten in het universum.

De ademhaling en de aandacht dient gericht te worden naar de buik (tantien), Dit veld van energie is een gebied dat zich ongeveer drie centimeter onder de navel bevindt.

Als men Tai-Chi beoefent, richt men de aandacht op het volgende.

Ogen, zijn alert en volgen de bewegingen van je handen.

Neus, adem rustig in en uit door de neus.

Hoofd, het hoofd wordt rechtop gehouden alsof er een draad aan de kruin zit.

Kin, deze trek je iets in, zodat de kruin omhoog komt.

Heupen, visualiseer dat 75% van je gewicht zich onder de heupen, en 25% zich er boven bevindt.

Knieën, zijn nooit op slot en komen niet voorbij je tenen.

Schouders, zijn ontspannen zodat de energie niet omhoog trekt.

Mond, de tanden en lippen houd je dicht op elkaar en de punt van de tong ligt tegen het gehemelte.

Handen en vingers, zijn licht gestrekt en staan iets uit elkaar

Polsen, zijn bijna gedurende de gehele vorm gestrekt waardoor de chi goed naar de vingertoppen kan stromen.

Armen, de ellebogen en de polsen moeten ontspannen zijn.

Rug, de onderrug moet je het gevoel geven dat hij omlaag zakt, dus kantel het bekken alsof je gaat zitten.

Op School Tao wordt les gegeven in: Yang Style, Chen Style, Zwaard, sabel, en vele vormen van Qigong

Op onderstaande benamingen vind U ook de pagina’s van de houdingen die bij deze vormen horen.